Ontwerp van decreet – Samenwerkingsakkoord Vlaanderen–Wallonië (arbeidsmarkt en mobiliteit)
Doel en parlementaire opvolging
De commissie besprak het ontwerp van decreet dat instemt met het samenwerkingsakkoord van 28 november 2025 tussen het Vlaamse en het Waalse Gewest. Het akkoord beoogt een betere afstemming van het arbeidsmarktbeleid en het bevorderen van de mobiliteit van werkzoekenden tussen beide regio’s.
Meerdere commissieleden benadrukten het belang van een structurele parlementaire opvolging. Daarbij werd gewezen op:
duidelijke doelstellingen en acties
afspraken rond monitoring en rapportering
aandacht voor handhaving
Er werd gesuggereerd om, naar analogie met eerdere gezamenlijke commissiezittingen over energie, klimaat en werk, eventueel gezamenlijke zittingen te organiseren met het Waals Parlement.
Inhoudelijk werd het ontwerp van decreet in de commissie ondersteund.
Stand van zaken en operationalisering
Op vraag van de commissie verduidelijkte de minister dat het Waals Parlement het samenwerkingsakkoord reeds op 6 januari 2026 quasi unaniem heeft goedgekeurd. Vlaanderen volgt dus later in de procedure.
De operationele samenwerkingsovereenkomst tussen VDAB en FOREM wordt momenteel gefinaliseerd en zal binnenkort aan de betrokken kabinetten worden voorgelegd.
De minister benadrukte dat afspraken rond handhaving en rapportering expliciet zullen worden opgenomen. Met de sanctioneringsbepalingen – onder meer artikel 12 – zou volgens haar een verregaande en tot op heden ongeziene stap zijn gezet.
Mobiliteit, taal en gegevensbescherming
Mobiliteit werd erkend als een blijvend knelpunt. De minister verduidelijkte dat de overheid zelf geen vervoersoplossingen zal organiseren. Volgens haar ligt de verantwoordelijkheid in eerste instantie bij werkgevers, die bereid zouden zijn hierin stappen te zetten.
Wat taal betreft, bevestigde zij dat het akkoord voorziet in taalondersteuning via zowel VDAB als FOREM.
Over de bewaartermijnen van persoonsgegevens werd verduidelijkt dat deze onder het Bestuursdecreet vallen en in principe tien jaar bedragen. Een commissielid uitte bezorgdheid over deze termijn in het licht van gegevensbescherming en suggereerde dat het parlement het decretale kader eventueel zou kunnen herevalueren. Ook werd gewezen op het belang van een data protection impact assessment (DPIA), waarbij verwacht wordt dat VDAB dit op korte termijn opneemt.
Stemming
Na afsluiting van de bespreking werd het ontwerp van decreet in zijn geheel ter stemming voorgelegd en unaniem goedgekeurd, zonder tegenstemmen of onthoudingen.
Conceptnota – Hervorming van de VDAB
Probleemstelling en context
Aansluitend werd een conceptnota toegelicht over een grondige hervorming van de VDAB. De indiener kaderde de nota als een constructieve oppositiebijdrage aan de lopende onderhandelingen over de nieuwe beheersovereenkomst en eventuele toekomstige regelgeving.
De nota vertrekt vanuit de vaststelling dat Vlaanderen, ondanks de ambitie van 80% werkzaamheid, internationaal slechts middelmatig scoort. Tegelijk blijven structurele uitdagingen bestaan:
aanhoudende arbeidsmarktkrapte
demografische vergrijzing
een stijgend aantal langdurig zieken
een groeiende groep niet-actieven
De toenemende diversiteit en complexiteit van doelgroepen maken volgens de indiener dat klassieke activeringsmodellen onvoldoende resultaat opleveren. De beperking van de werkloosheid in de tijd vanaf 2026 wordt daarbij gezien als een kantelmoment dat een hertekening van rollen en verantwoordelijkheden vereist.
Kritiek op de huidige organisatie van VDAB
Volgens de conceptnota is VDAB vandaag te breed georganiseerd. De combinatie van rollen als:
regisseur
uitvoerder
handhaver
zou leiden tot een diffuus takenpakket, trage activering, een focus op bereik in plaats van resultaat, en een ongelijk speelveld met andere actoren.
Daarom wordt gepleit voor een fundamentele hertekening van de taakverdeling.
Voorstel: regie, uitbesteding en rol van lokale besturen
Concreet stelt de nota voor om VDAB te herleiden tot een afgeslankte regisseur, met behoud van kerntaken zoals:
centrale inschrijving
databeheer
controle en sanctionering
Europese projectwerking
optreden bij herstructureringen
De uitvoering van activering, opleiding en begeleiding zou maximaal worden uitbesteed aan private en non-profitpartners via resultaatsgerichte financiering en aanbestedingen.
Daarnaast wordt een grotere rol voorzien voor lokale besturen. Indien zij dit wensen en aankunnen, zouden zij de regierol over activeringstrajecten kunnen opnemen, eventueel in samenwerkingsverbanden. Voor besturen die dit niet kunnen of willen, blijft VDAB een vangnet.
Lokale besturen worden in de nota expliciet genoemd als cruciale spelers voor moeilijk bereikbare groepen, zoals niet-actieven, leefloners, sociale huurders, inburgeraars en personen met complexe randvoorwaarden.
Resultaatsfinanciering en verdere procedure
Resultaatsfinanciering wordt in de conceptnota naar voren geschoven als rode draad voor alle actoren: VDAB, partners en lokale besturen. De verwachting is dat dit leidt tot:
meer maatwerk
snellere activering
meer transparantie
meer innovatie
efficiëntiewinsten door het wegwerken van overlappingen
Tot slot stelde de indiener voor om de conceptnota expliciet te betrekken bij de besprekingen over de nieuwe beheersovereenkomst van VDAB en om hierover hoorzittingen te organiseren.
De bespreking werd afgerond met de afspraak dat de verdere procedure, waaronder eventuele hoorzittingen, later wordt bepaald in de regeling der werkzaamheden.