Doorgaan naar content

Opiniestuk: De arbeidsmarkt van morgen vraagt meer begeleiding, niet minder

De cijfers van VDAB bevestigen wat werkplekarchitecten dagelijks op het terrein ervaren: de uitdaging op de Vlaamse arbeidsmarkt is niet langer een tekort aan vacatures, maar een tekort aan duurzame bruggen tussen werkgevers en mensen met een grote afstand tot werk.

Op 31 juli 2026 telde Vlaanderen meer dan 216.000 werkzoekenden zonder werk (Cijfers VDAB). Opvallend is dat de helft van hen ondertussen bestaat uit voormalig niet-beroepsactieven: mensen die ziek waren, leefden van een leefloon, een inkomensvervangende tegemoetkoming ontvingen of om andere redenen niet actief waren op de arbeidsmarkt. Deze groep groeide op één jaar tijd met maar liefst 20% en is vandaag groter dan de klassieke groep werkzoekenden met een werkloosheidsuitkering.
Dat is geen tijdelijke evolutie. Het is een structurele verschuiving.

Tegelijk geeft VDAB aan dat 58% van alle werkzoekenden een grote afstand tot de arbeidsmarkt heeft. Het gaat om mensen met gezondheidsproblemen, welzijnsuitdagingen, langdurige inactiviteit of een combinatie van verschillende drempels. Hun kans om binnen zes maanden zelfstandig werk te vinden bedraagt minder dan 35%.

Deze cijfers tonen aan dat Vlaanderen niet langer nood heeft aan méér standaardbemiddeling, maar aan gespecialiseerde begeleiding die werkgevers én werkzoekenden ondersteunt op de werkvloer en in hun traject naar werk.

Dat is precies de opdracht van werkplekarchitecten.

Werkplekarchitecten bouwen bruggen waar de reguliere arbeidsmarkt vastloopt. Ze begeleiden werkgevers bij het creëren van haalbare jobs, ondersteunen werkzoekenden met beroepsopleidingen en complexe ondersteuningsnoden en zorgen ervoor dat een aanwerving ook een duurzame tewerkstelling wordt. Ze vertalen arbeidsmarktkrapte naar kansen voor mensen die vandaag nog aan de zijlijn staan.

De politieke uitdaging is daarom helder. Vlaanderen heeft zichzelf een werkzaamheidsgraad van 80% opgelegd. Die doelstelling zal nooit gerealiseerd worden door uitsluitend te focussen op de mensen die dicht bij werk staan. De grootste potentiële arbeidsreserve bevindt zich vandaag net bij de groep die het verst van werk verwijderd is.

Investeren in werkplekarchitecten is daarom geen sociale kost, maar een economische noodzaak.

Elke burger die dankzij gespecialiseerde begeleiding de stap zet naar werk, betekent minder afhankelijkheid van uitkeringen, minder druk op welzijns- en zorgsystemen en meer beschikbare arbeidskrachten voor werkgevers die vandaag vacatures niet ingevuld krijgen.

De VDAB-cijfers tonen waar de uitdaging ligt. De vraag is of het beleid bereid is de juiste conclusies te trekken.

Wie een werkzaamheidsgraad van 80% wil halen, kan niet besparen op de expertise die net die moeilijk bereikbare doelgroep activeert. Integendeel: dit is het moment om gericht te investeren in VDAB en zijn partners (gespecialiseerde jobcoaching, duurzame werkvloerbegeleiding, maatgerichte beroepsopleidingen, re-integratietrajecten…)

De arbeidsmarkt van morgen wordt niet gebouwd door mensen die vanzelf hun weg vinden naar werk. Ze wordt gebouwd door de professionals die kansen creëren voor mensen die zonder ondersteuning achterblijven.

Werkplekarchitecten zijn geen randactoren van het arbeidsmarktbeleid. Ze zijn een noodzakelijke voorwaarde om het arbeidsmarktbeleid te doen slagen.

 

Christophe Danschutter

 

Dagelijks Bestuurder

Sectorfederatie Arbeidsmarktintegratie